Begrijpelijk en geloofwaardig schrijven

illustratie bij Begrijpelijk en geloofwaardig schrijven. Helpt bij het oplossen van al uw problemen.
© de tekstschrijvers (lekker geloofwaardig, dit)

Onderzoek toont een verband aan tussen bepaalde zinsconstructies en de begrijpelijkheid, onthoudbaarheid en de geloofwaardigheid. 

Geloofwaardigheid 

Een goed geschreven artikel benadert een onderwerp vanuit een kenmerkende invalshoek. Optiek en probleemstelling helpen de lezer bij het ontdekken en vasthouden van de rode draad; ook zijn optiek en probleemstelling de instrumenten die de schrijver helpen tijdens het schrijven. Bij een overtuigende (reclame) tekst is natuurlijk ook de geloofwaardigheid belangrijk. Niet makkelijk, omdat eigenbelang vaak al bij voorbaat duidelijk is. 

Geloofwaardigheid hangt van twee zaken af. De deskundigheid van de “zender” (vertegenwoordigt hij bevoegd gezag?) en de belangen. Als de schrijver er zelf belang bij heeft dat de ontvanger hem leest, dan is hij ongeloofwaardig. Reclame en propaganda zijn hierom ongeloofwaardig. Om geloofwaardig te zijn, moet een boodschap voldoen aan twee criteria: 1. de argumentatie moet goed opgebouwd zijn. 2. zinsvormen en taalconstructies moeten geloofwaardig zijn (helder en ondubbelzinnig). 

Begrijpelijkheid 

Een boodschap is begrijpelijk als de ontvanger een vraag over de boodschap onmiddellijk beantwoordt. (Hoe langer het antwoord uit blijft, hoe moeilijker de boodschap.) Een foutief antwoord wijst op een moeilijke boodschap.

Onthoudbaarheid 

Een tekst is onthoudbaar als de lezer na enige tijd een vraag over de boodschap onmiddellijk beantwoordt en het antwoord op de vraag juist is. 

Schema…

TekstkenmerkBegrijpen/onthouden Geloofwaardigheid 
Goede structuurZeer begrijpelijkZeer geloofwaardig
Lange zinnenMax. 3 bijzinnen Max. 17 woorden
Korte zinnenBegrijpelijk Ongeloofwaardig 
Vakjargon Moeilijk te begrijpen1 op 10 woorden
Adjectieven3 is begrijpelijk1 op 10 woorden
NamenBegrijpelijkPositieve invloed
HerhalingBevordert het onthoudenGeloofwaardig
DrogredenenOnbegrijpelijkGeloofwaardig

Bron: Rijksuniversiteit Groningen

Dream on (NLP)

Dat Amerika het land van de toekomst is, wordt in een willekeurig gesprek met een al even willekeurige inwoner vlot duidelijk. Er zal je tijdens zo’n conversatie, met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid, niet worden gevraagd naar je verleden, je ouders, je persoonlijke geschiedenis. Nee, je gesprekspartner met reislustige voorouders is geïnteresseerd in je vooruitzichten, maar bovenal naar de manier waarop je je plannen zo snel mogelijk denkt te kunnen verwezenlijken. Want verwezenlijken kunnen ze, die lui, daar aan de overkant. 

Tijdens extreem naargeestig weer, wil een fragmentje van dat snel verwezenlijkt verschiet zo nu en dan ons continent aandoen. Zo maakten we na een koele straffe wind uit het westen kennis met de jojo, New Age, de hoelahoep, de Wuppie en Neuro-Linguïstisch Programmeren. Onderschat ze niet, die lui, daar aan de overkant; trends zetten kunnen ze.

Dankzij één zo’n flinke storm over een plas water, zaten we jarenlang opgescheept met een Tokkies knuffelende NLP Pipo als Ratelband. Deze snackbarhouder vulde niet alleen z’n patatzakken met voordeel zoekend pseudowetenschappelijk gezever. Neuro-Linguïstisch Programmeren en ‘Landmark Education’ zijn, evenals de Amerikaanse droom, illustratief voor het opportunistische idee dat alles mogelijk is als je er maar in gelooft. Dat die droom voor verreweg het merendeel van de bevolking eindigt in een nachtmerrie, wil natuurlijk niet zeggen dat miljoenen hypotheekverkopers of krantenjongens niet hun best hebben gedaan; een naam als Rupert Murdoch onthouden wij eenvoudigweg omdat hij de uitzondering is en uitzonderingen kweek je niet. Zeker niet door het lezen van boeken van Wayne W. Dyer en Tony Robbins met nietszeggende titels als “Geluk is de weg”, “Willen is kunnen” en “Inspiratie”. 

In die boeken geven deze charlatans in holle retoriek, aangedikt met oneliners, de lezer (vaak kolenspringende, designerbrillen dragende loonstrookstrooiers) het idee dat de mens los staat van zijn omgeving; dat de eigen wil sterker is dan de factoren die van buitenaf op hem inwerken. Elk kind met een warme euro in de knuistjes, staande voor een snoepwinkel, weet dat dit onzin is. En zo zal 150 maal in een overvolle metro roepen dat je net zo slim bent als Einstein, in de toekomst bijzonder weinig aan je IQ of geloofwaardigheid toevoegen.

Laatstgenoemde vluchteling uit het Avondland belandde overigens in 1933 in het land van de Dromen, hoe logisch kunnen dingen zijn? Ik veronderstel dat Albert was overvallen door een vlaag van melancholie en heimwee, toen ie liet optekenen: “Denk niet aan de toekomst, die komt snel genoeg.”